Aftrekposten met betrekking tot overlijden

Wanneer kunt u kosten aftrekken?

De kosten die samenhangen met overlijden zijn niet aftrekbaar voor de inkomstenbelasting van de erfgenamen.  Wel kunnen de kosten van de uitvaart, verminderd met de eventueel ontvangen uitkeringen van de uitvaartverzekeringen, voor de erfbelasting worden afgetrokken.


Aangifte erfbelasting

Over alles dat iemand krijgt uit de nalatenschap van een overledene die in Nederland zijn laatste officiële woonplaats had, moet successiebelasting worden betaald. Daarbij worden partners, kinderen en naaste familie minder zwaar belast dan verdere familieleden of niet-familieleden. Ook is het zo dat grote bedragen van erfbelasting zijn vrijgesteld. Belasting hoeft dan ook pas te worden betaald over het belaste deel van de nalatenschap. Om de hoogte daarvan vast te stellen worden alle schulden afgetrokken van de bezittingen zodat de totale omvang van de nalatenschap kan worden bepaald. Vervolgens wordt vastgesteld wat de verkrijging van iedere erfgenaam is om daarop de erfbelasting te kunnen baseren.

Aangifte

Ongeveer drie maanden na het overlijden ontvangt de belastingdienst daarover bericht van de Burgerlijke Stand van de gemeente. Daarop stuurt de belastingdienst de nabestaanden een aangiftebiljet. Zo niet, dan moet dit biljet verplicht worden aangevraagd. Afhankelijk van de financiële situatie van de overledene is dit een Sk-biljet of een Su-biljet. Kosten die met betrekking tot het overlijden zijn gemaakt, zoals voor de uitvaart, kunnen worden afgetrokken. De erfgenamen ontvangen gezamenlijk één aangiftebiljet, maar worden alleen voor hun eigen aandeel in de erfenis belast.

Gehuwd/ongehuwd samenwonenden

Bij gehuwden in gemeenschap van goederen wordt alleen de nalatenschap van de overleden partner belast, dus de helft van het saldo van de totale gemeenschap van goederen. Bij mensen die op huwelijkse voorwaarden zijn getrouwd gelden de voorwaarden zoals die bij het huwelijk zijn vastgelegd. In het geval van ongehuwd samenwonenden moet worden vastgesteld welke bezittingen op naam van de overledene staan. Het is zo, dat voor het successierecht samenwonenden die na hun 22e levensjaar minstens vijf aaneengesloten jaren hebben samengewoond, worden gelijkgesteld aan gehuwden en geregistreerd partners.

Tarieven en vrijstellingen erfbelasting

De erfbelasting die moet worden betaald is van toepassing op de  nalatenschap minus de vrijstelling. Afhankelijk van de waarde van die nalatenschap  gelden een minimum- en een maximumpercentage.

Voor echtgenoten, geregistreerd partners en tenminste 5 jaar ongehuwd samenwonenden geldt een bepaalde vrijstelling. Ook voor kinderen gelden, afhankelijk van hun leeftijd, vastgestelde minimumbedragen en drempels.

Erfbelasting in natura

Als zich in de nalatenschap waardevolle kunstvoorwerpen bevinden, dan kan van een aparte regeling van het Ministerie van Financiën gebruik worden gemaakt. In sommige gevallen kunnen kunstvoorwerpen aan de Staat worden gegeven om daarmee de erfbelasting te voldoen. De nabestaanden wordt in dat geval de erfbelasting kwijtgescholden. Het Ministerie beslist daarover op basis van het advies van een speciale adviescommissie.

Aangifte inkomstenbelasting

Na het overlijden eindigt de belastingplicht en moeten de belastingzaken van de overledene worden afgewikkeld. Met name aangiften van inkomsten- en vermogensbelasting moeten worden afgehandeld. Daarvoor wordt vaak automatisch door de belastingdienst een F-biljet toegestuurd.

Algemeen

Inkomstenbelasting wordt naar draagkracht geheven over het inkomen. De hoogte ervan wordt berekend als het inkomen minus de belastingvrije som en buitengewone of persoonlijke kosten. De rentelasten op de hypotheek zijn een voorbeeld van dergelijke aftrekposten. Op het maandsalaris van werknemers of de maandelijkse uitkering wordt door de werkgever of uitkeringsinstantie loonbelasting ingehouden. Mensen met een hoog inkomen, veel aftrekposten of inkomsten uit meerdere bronnen of arbeid als zelfstandige doen na afloop van het jaar aangifte van de inkomstenbelasting.

Voorlopige teruggaaf

Belastingplichtigen kunnen wegens aftrekposten, persoonlijke of buitengewone kosten in aanmerking komen voor een zogenaamde Voorlopige teruggave van belasting (VT). Nabestaanden van een overledene aan wie voorlopige belastingaanslagen zijn opgelegd, kunnen om zogenaamde ambtshalve vermindering van de aanslagen verzoeken. Als de overledene bij leven een verzoek om voorlopige teruggave had ingediend en op grond daarvan betalingen ontving, dan moet de belastingdienst worden geïnformeerd. Als de nabestaanden de kosten voor de uitvaart zelf hebben betaald, dan kunnen ze op basis daarvan zelf ook om een voorlopige teruggave verzoeken.

Adressen en links